Geen regres op ex-partner wegens het niet dragen van de hypotheekrente

- door

M en V wonen samen. Zij hebben een woning in gemeenschappelijk eigendom, welke woning is belast met hypotheek. Medio 2014 verbreekt V de relatie en gaat elders wonen. M blijft in de gemeenschappelijke woning wonen en betaalt de hypothecaire termijnen. Partijen zijn het erover eens dat M de woning toebedeeld zal krijgen, maar verdeling heeft nog altijd niet plaatsgevonden.
M verzoekt de rechtbank V te veroordelen tot betaling van de helft van de door hem voldane hypotheekrente. Dit bedrag kan, zo stelt M, verrekend worden met hetgeen V uit de verdeling van de overwaarde verkrijgt. Volgens M is V, aangezien zij er zelf voor heeft gekozen de woning te verlaten, verplicht om de helft van de hypotheekrente te voldoen. De woning is gezamenlijk eigendom en partijen hebben hier een gelijk aandeel in.
M heeft gedurende 36 maanden de hypotheekrente alleen gedragen. V stelt dat het niet redelijk is als zij moet meebetalen in de hypotheekrente, nu zij de woning niet gebruikt en zelf een woning huurt.
De rechtbank overweegt als volgt. Vaststaat dat de woning gemeenschappelijk eigendom van partijen is. Tegenover de eigendom van de woning staat een hypothecaire schuld, waarvoor partijen zich hoofdelijk hebben verbonden. Krachtens artikel 6:10 lid 1 BW zijn partijen voor het gedeelte van de schuld dat hen in hun onderlinge verhouding aangaat gehouden in de schuld en de kosten bij te dragen, waartoe ook de opengevallen rentetermijnen behoren. Voor zover M heeft bijgedragen in de hypotheekrente voor meer dan het gedeelte dat hem aangaat, heeft hij voor dit meerdere regres op V.
De rechtbank is binnen dit gegeven kader van oordeel dat, gelet op de omstandigheden van het geval, moet worden aangenomen dat de rentetermijnen in de onderlinge verhouding van partijen alleen M aangaan. Daartoe is van belang (1) dat M alleen het genot en gebruik van de woning (de tegenover de schuld staande bate) heeft gehad, (2) dat V een woning huurde en daarvoor de kosten betaalde en (3) dat M uiteindelijk de woning zal overnemen en de hypothecaire schuld voor zijn rekening zal nemen als een eigen schuld. Alleen M was daarom in de interne verhouding gehouden de hypotheektermijnen te voldoen. M heeft derhalve geen recht van regres.